Op 22 augustus wordt er overal fel strijd geleverd. Het 151e infanterieregiment stuurt het 1e bataljon naar het bos van Doncourt. Het 3e bataljon wordt naar het bos van Goémont en het bos van Grand-Champ gestuurd. Het 151e regiment moet zelf alleen het hoofd bieden aan drie Duitse infanterieregimenten. Het 162e infanterieregiment komt later het 151e regiment bijstaan en positioneert zich tussen Pierrepont en het bos van Grand-Champ. Tijdens een gedeelte van de ochtend lossen beide kampen schoten in elkaars richting zonder dat dit veel resultaten oplevert. Er wordt alleen belet dat een Duitse colonne er in slaagt om het bos van Doncourt langs het zuiden te verlaten. Ondanks de ruggensteun van hun kanonnen komen de vijandelijke troepen niet echt verder: de infanteristen raken door hun voorraad munitie, de houwitsers schieten op hun eigen linies en veroorzaken zo enorme verliezen. De Duitsers slagen er niettemin in om de noordelijke rand van het bos van Grand-Champ in te nemen. Op het einde van de namiddag gooit de zware artillerie zich in de strijd. De Franse kanonniers lossen hun schoten vanuit Beuveille en de Duitse kanonniers beantwoorden dit vuur vanuit Jalaumont. De Franse soldaten bezetten het bos van Goémont en het westelijke deel van het bos van Grand-Champ. Op het eind van de namiddag plooien de Duitse troepen zich terug op de plateaus van Laix en Baslieux, terwijl de Franse troepen zich terugtrekken naar de Maas.
De balans van deze slag is ongezien. Alleen al op de vlakte van Grand-Champ sneuvelen 800 Franse soldaten. Meer dan 200 van deze soldaten liggen begraven in de huidige necropolis. In Pierrepont getuigen twee kerkhoven, een Frans en een Duits, van de moordende waanzin van de Eerste Wereldoorlog.